Advertenties

Overzicht evenementen

No events

Foto galerij

KlaasWiersmaIMGL1326.jpg

Introduction in English

gb20vlagwapperend engels

Verslagen evenementen

2005-05 Rondje Vlieland

Rondje Vlieland niet

14-15 mei 2005

Klik hier voor de foto's

Bft 5-6, N-NO, 11° C - luidt de verwachting voor morgen. Ik zit vrijdag de 13e in de trein naar Den Helder met Lot, onze dochter. Mijn maatske Elsbeth heb ik bij de KLM-balie op Schiphol temidden van een club vriendinnen achtergelaten en bel de KNMI-waterlijn. ‘Blijft het zo, dan ga ik niet mee’ - zeg ik Lot en denk aan mijn eerste ervaring met Elsbeth op zee van Terschelling naar Den Helder: stroom mee, wind gunstig, verwachting 4-5 Bft en zomers warm. Het werd knokken tegen een krachtigere wind, zeeziekte en doorgeslagen zeilpakken. De laatste uren motor bij om voor donker in een onbekende haven aan te komen. Ik wil Lot een dergelijke eerste zee-ervaring met Sagitta sparen. En mijzelf de kou. Bij het opvaren woensdag sloeg de kou na drie uur door mijn kleren en kon ik in Den Oever even warm worden. Dit wordt zeker 10 uur varen zonder rust. Ik vertrouw mijn lijf nog niet na een vervelende operatie van vijf maanden geleden.

In de haven ligt Sagitta trouw te wachten naast Asjemenou. De havenmeester vertelt dat er twee afgebeld hebben: ‘het gaat niet door’. Ik vraag voor de zekerheid of Henk Veerdig gebeld heeft en denk verder aan de Skik uit Ketelhaven en de Slippery Sam uit IJmuiden. ‘Nou dat is duidelijk’, zeg ik. ‘Wat gaan we dan doen?’, vraagt Lot. ‘Fietsen op Texel’. Haar ogen klaren op en ze belt haar vriend Rani om mee te gaan. Bepakt en beladen ruimen we de boot in, drinken thee en gaan de dijk op om de ruwe zee te zien. Dan draaien drie M26’s de KMJC-haven binnen. ‘Dus toch’, roep ik verbaasd, ‘de drie van Den Oever: Skik, WØRK en Tawhiri’. Bovenop de dijk zien we ook nog de Slippery Sam op de motor uit het westen komen. Met ontzag voor hun moed met deze wind en temperatuur en met bewondering voor de binnenvarende golfsurfende M26 kijk ik naar hen en ben benieuwd wat ze morgen willen doen. Teruglopend komt ons een Landrover van de Marine-inspectiedienst tegen. ´Uw identiteitsbewijs, graag!?’ Ligt in onze boot’, grinneken we schaapachtig. ‘Heeft u dat bord niet gelezen?’ We kijken om en zien Streng Verboden Toegang groot gemeld. Nee, we waren gefascineerd door de wind, golven en boten. Ja, hij vist daar ook graag. Genereus laat hij ons gaan. In de haven komt de bemanning van de Asjemenou binnen. We zijn compleet:

WØRK (Enkhuizen) van Henk Veerdig met Anthony en Ferdinand als bemanning.

Tawhiri (Balk) met Hinse en Francis Koning op staartje pré-huwelijks reis.

Skik (Ketelhaven) met Chris en Ali Blok.

Asjemenou (Braasemermeer) met Hans Verdel met Len en Arend.

Slippery Sam (IJmuiden) met Rob Burridge en Edith de Waal.

Sagitta (Workum) met Kees en Lot Locher.

Die avond blijken mijn gegevens via KNMI-waterlijn een zwaardere situatie aan te geven dan die van kanaal 62 waarnaar de anderen luisteren. Ben ik te angstig? Ik denk aan mijn schipper waarmee ik de laatste jaren op een tweemaster van 14,5m lengte rond Bretagne vaar. Wind tegen is 1Bft extra vergeleken met voor de wind, één Knt stroom tegen = 1Bft extra, is zijn axioma. Zo voelde het ook op die eerste keer met Elsbeth op zee. Iedere schipper blijft zelf verantwoordelijk, schreef Henk. Zo besluit ik te gaan fietsen. Slippery Sam is aan rust toe na deze zware dag. De anderen kiezen voor Vlieland binnendoor over het Wad. Maar die tocht is langer en qua wind niet veel gunstiger. Wel de stroom helemaal mee. We kunnen ook later vertrekken. Gelukkig, dus niet om 04.30 op. 

Die nacht ligt Sagitta te rijden, rukkend aan haar hengsels. Het giert in het want en ik trek extra kleren en sokken aan onder m’n slaapzak. Het is 5° C in de kajuit. Bij het overleg de volgende ochtend besluiten alleen de Tawhiri en WØRK te gaan. De anderen wachten een dag. Lot en ik genieten van hun uitvaren en kijken met bewondering naar de witkammige zee onder een ijzige wind. Terwijl wij ons ontbijt bereiden komen Chris en Ali naar onze oplossing voor het nieuwe fornuis Origo kijken. De lange gasaansteker werkt perfect. Begin april verspilde ik bosjes lucifers. Daarna een heerlijke dag fietsen tegen de krachtige en koude wind heen, een duinterrasje aan de Nzee, terug langs de waddendijk met wind achter via Oudeschild. Daar zien we WØRK en Tawhiri liggen. Snel een praatje, Tawhiri staat op het punt te vertrekken. Na een uur waren ze afgezwaaid wegens de krachtige wind en de lengte van de tocht. WØRK gaat naar huis. Tawhiri terug naar Den Helder. Zo zitten we ’s avonds zonder vlootvoogd in de kantine van de KMJC. De gezelligheid wordt onderbroken voor overleg. Verwachting KNMI: 5 Bft met vlagen 6 afnemend naar 3-4, N krimpend naar NW, temp 11° C. Hoofdzakelijk droog en goed zicht. Tawhiri en Skik besluiten naar Kornwerderzand en Makkum te gaan. De andere drie maken gebruik van de gunstige wind. Einddoel IJmuiden. Voor mij was de belangrijkste reden om mee te doen: zee-ervaring met anderen in dezelfde boot. Zo kom ik toch aan mijn trekken. Wil alleen voorbij Amsterdam komen om maandag Workum te halen. Asjemenou moet even slikken en Vlieland laten varen.

Zondagpinksteren. Na een nacht vol stilte en regen op het dak zet ik de waypoints in mijn Gps met nieuwe software en maak een route. Het lukt even niet en de stress neemt onder tijdsdruk toe. ‘God, wat ben ik een zenuwpees’, verzucht ik. ‘Ja’, zegt Lot gedecideerd. Van je dochter moet je het maar hebben. En dat kan ik ook en grinnik. Ruim op tijd zijn wij klaar, bezien nog de kachel van Skik en hun prachtig afgewerkte kajuit. Die van Sagitta steekt shabby af. Tot nu toe heb ik me vooral op het zeilen gericht. Dit wordt de nieuwe renovatie-richting. Met Asjemenou spreken we af om elke twee uur elkaar op te roepen op kan 16 en dan over naar 77. Er was toch na 1 mei een verandering, dacht ik, maar kan het niet terug halen. Slippery Sam heeft geen marifoon.  Het was een voorwaarde om mee te doen, maar ik mag dit wel. Vroeger ging het toch ook zonder. Alle vijf boten vertrekken op dezelfde tijd, tegen tien uur. Wat een leuk gezicht om als laatste uit de KMJC-haven te komen. Ieder druk doende zeilen te hijsen. Het lijkt of Tawhiri enige moeite heeft, terwijl die gisteren vlot onder zeil was. Verrassend varen wij als eerste de Marinehaven uit. Met één slag over SB en dan over BB ruimend naar het westen. Met de tegenstroom in het Marsdiep maken we toch nog een 3,5 Knts. Al snel lopen we uit op de andere twee. Wij met een uitgerolde genua en één rif. Asjemenou met 2 riffen en een werkfok. Slippery Sam met alleen de grote genua. Voorbij de cardinale ton S14-MG17 besluit ik terug te varen. Samen uit, samen thuis tot IJmuiden. In de luwte van Texel vallen de golven mee. We spuiten terug. Slippery Sam maakt daarvan gebruik om hun grootzeil te hijsen en wij, al wachtende, om onze rif eruit te halen. Als laatste varen we nu het Schulpengat in. Voorbij de Noorderhaak begint de echte zeedeining uit het noorden. Vanaf de Npool, besef ik, is het nu open zee. Ik geniet goed ingepakt. Lot heeft teveel aan en daarna weer te weinig. Het is heerlijk om te zien hoe zij zeilgevoel heeft en het juiste inzicht op de juiste tijd. Een genot om samen te zeilen. Is het bij de uiterton SG dat we Asjemenou passeren? Ik weet het niet meer precies. Slippery Sam blijft akelig vooruit. Intussen genieten we. Na een kleine drie uur gaat de stroom mee en varen we gemiddeld zeker 6 Knts. De blanke duinen in zonnegloed ver aan BB, de hoger wordende rollers aan SB van achteren. Soms rijst de zee steil achter ons op. Prachtig en indrukwekkend. Wat een gratie van Sagitta. Zij richt haar kont bevallig omhoog en laat de zee onder haar doorglijden. Met haar boeg hoog valt ze terug in het dal. Zeker 2 Knts verschil. Het is alsof je ineens stil ligt. Het lukt Lot zonder zeeziekte naar de WC te gaan. Minder gelukkig zijn de jongens op Asjemenou. Maar Hans redt zich wel. De eerste zee-ervaring met de marifoon gaat niet slecht. We luisteren uit op kanaal 16 en horen van ongelukken voor Bunschoten en Baarn. Het IJsselmeer! Wel heel ver weg voor ons gevoel. Asjemenou gaat uit zicht. Slippery Sam komt tergend langzaam dichterbij. Telkens als we denken iets gewonnen te hebben stuift ze weer weg. Roerganger wisseling, vragen we ons af? Maar later, als we de Hoogovens in de verte zien, lukt het ons langszij te komen, wat prachtige foto’s van Sagitta oplevert. Soms zakt Slippery Sam tot over de giek in de golven weg. Stuntelig probeer ik met een weggooi onderwater camera te werken. Resultaat later. Toch snelt Slippery Sam ons steeds weer vooruit, met dezelfde stuurlui in beide boten. Ik herinner me uit mijn diensttijd bij de Marine en  de Kielerwoche in een draak, de roem van de Vliegende Hollander, een onderofficier die altijd won, omdat hij de golven het beste benutte. Vliegen Rob en Edith ook zo? Om 16.35 piept ons laatste waypoint, arrival. We roepen Asjemenou op, alles OK? en bedanken met vaarwel. Ik laat me toch weer verleiden om het grootzeil buiten te strijken. Hoe zat het ook al weer? Mag je het eigenlijk binnen de pieren doen? Toch weer te weinig voorbereid! Van de weeromstuit bega ik fouten. Laat Lot zonder aangelijnd te zijn naar de mast kruipen. Gladde laarszolen en een klapperende genua maken haar onzeker. Stom om de genua niet eerst weg te rollen. Gelukkig loopt het goed af. Het is natuurlijk wel een ervaring om ineens de kracht van de golven te voelen, maar als schipper liet ik een steekje. Sagitta echter niet. Wat een prachtige boten zijn het toch.

Tussen de pieren vaart Slippery Sam ons tegemoet. We nemen afscheid en gaan direct door naar de sluizen. Rond vijven bel ik onze zoon Chai, en spreek af hem op te halen bij het NHollands kanaal. Hij staat klaar met twee ijsjes. Rond negen uur liggen we voor anker bij Durgerdam en genieten van avondstilte, borrel en maaltijd. De volgende dag zijn we om 08.00 onder zeil met de genua tot het Markerpaard te loevert in de vaarboom. Om 13.00 door de Enkhuizer sluis. Het gaat goed. Rond 16.00 valt voor Stavoren de wind weg, steekt de zee prachtig groen af tegen een donker grijze lucht, neemt de wind weer toe en ruimt naar het NO. Dan gaat het snel: toenemende wind, minderen genua, rif erin, yellende marifoon ‘all ships save, all ships save, all ships save’ – het klinkt angstaanjagend. De golven rollen hoog. We stampen en lijnen ons aan. Net als ik besluit om een tweede rif erin te zetten klinkt het Hollandser ‘alle schepen, alle schepen, alle schepen, storm!’ ‘Nou’, zegt Lot, ‘dat hebben we toch al’. Chai staat juichend aan het roer. Toch verdwijnt voor mij ineens een snelle aankomst en wordt het met zeilen de vraag of we op tijd in Workum zullen zijn. Al met al besluit ik de motor aan te zetten, genua weg te rollen, grootzeil met rif strak te zetten en vol gas het laatste stuk Hindelopen voorbij te varen en ’t Soal in. De prijs is wel dat we drijfnat van het buiswater bij de sluis aankomen. Dan blijkt de Sudergoabrêge, vlak voor onze haven, kapot te zijn. Net als Lot en Chai moeten gaan rennen om de trein naar Amsterdam te halen, doet de brug het weer. We varen tevreden onze box in, klaren boot en spullen en rijden huiswaarts. Scade rondtocht: verbogen windvaan in Workum en twee boordlichten al eerder, maar hoe? Via Amsterdam ben ik om één uur in mijn bed in Zeist. De volgende dag sta ik groggy op. Wind in mijn kop, deining in mijn botten.

Als solist ben ik toch gaan houden van samen varen. Ik heb meer geleerd in kortere tijd en aardige mensen ontmoet. Elsbeth, bedankt voor het lidmaatschap. Maar bovenal is mijn verwondering over wat de Marieholm kan toegenomen en mijn zelfvertrouwen gegroeid door met dezelfde boten in gelijke omstandigheden te beslissen en te varen. Ik ben blij dat het NMV-toerzeilen op groter water gestalte kreeg. Henk, bedankt voor het initiatief. Verder blijven er nog vele vragen over voor mijn reisgenoten. Maar dat is later aan de orde. Tot een volgende keer!

Kees Locher, 17 mei 05, Zeist